Dinsdag 20 september 2016

Op het middaguur overleed in het WZC Sint-Jozef te Wiekevorst onze medebroeder Frits Vermeyelen.

vermeylen_frits-104-lrHet nieuwe jaar was in 1938 nog maar juist begonnen wanneer op 2 januari in het gezin van vader Georges Vermeylen en moeder Angèle Minnaert een derde kindje werd geboren. Nog dezelfde dag werd de zoon gedoopt als Wilfried in de kerk van O.-L.-Vrouw ter Sneeuw te Borgerhout. Wilfried groeide op samen met zijn drie broers en twee zussen. Lange tijd was hij acoliet in zijn parochiekerk. Hij volgde zijn middelbare studies aan het Sint-Henricusinstituut en was er geëngageerd als leider in de Katholieke Studenten Actie.
Op twintigjarige leeftijd trad hij in bij de norbertijnen van Tongerlo en ontving van prelaat Joost Boel het witte ordeshabijt op 28 augustus 1958 en de kloosternaam Reinhard. Hij verbond zich omwille van Christus met de abdijgemeenschap van Tongerlo op het feest van Sint-Augustinus in 1960.
Mgr. Amandus Vanuytven, bisschop van onze toenmalige Congomissie, wijdde hem tot subdiaken op 5 april 1964, tot diaken op 30 aug. 1964 en tot priester op 1 augustus 1965.
Cfr. Frits werd al vlug een gewaardeerd jeugdpredikant. In de parochie van Heultje was hij werkzaam o.a. bij de Chiro. Van 1969 tot 1985 was hij de bewogen godsdienstleraar in de school voor bijzonder onderwijs ‘Tongelsbos’.

In de zeventiger jaren bekommerde zich ook om vele thuisloze kinderen via de werking van Familiale Tehuizen. Hij was een tijdlang diocesaan inspecteur voor het godsdienstonderricht in het Bijzonder Onderwijs. In de Sint-Nicolaasparochie te Zoerle-Parwijs was hij pastoor van 1988 tot 1997. Nadien was hij pastoraal werkzaam in het WZC Sint-Jozef en in de parochie Sint-Jan-Baptist te Wiekevorst.
Cfr. Frits was heel zijn priesterleven heel toegankelijk voor alle mensen in nood en bracht edelmoedig soelaas waar mogelijk. Zijn sterke betrokkenheid op kwetsbare mensen bracht hem tot een evangelische zelfverloochening. Niet zelden liep hij verloren in engagementen die te ver boven zijn organisatorische en emotionele krachten uit gingen.
Dan kwam er vaak weer een tijd van aanleunen bij zijn abdij, maar even vlug wist hij zich intens te engageren vanuit zijn gevoelige aanspreekbaarheid. Hij stelde voor zichzelf werk- en weekschema’s op, maar keer op keer werd dit voor hem een onleefbaar patroon waarin hij verdorde en verstikte. Telkens weer zocht hij zuurstof en vrijheid in vele vormen van pastorale en persoonlijke dienstbaarheid.
Het putte hem vaak uit en bracht ook tijden van ontgoocheling, ontmoediging en bezinning.
Cfr. Frits was sterk getroffen door de horizontale en verticale dimensie van het christelijk en religieus leven. Zijn aandacht ging breed uit naar onmiddellijke leniging van nood. Alles zette hij daarvoor opzij en stapte zo nodig doorheen structuren en regels. Diep en hoog ging zijn verlangen naar mystieke verbondenheid met God en innige navolging van de goedheid die ons in Christus is verschenen. Hij voedde zich aan de hooggestemde literatuur van mystieke schrijvers en nam ook hierin anderen mee in hun geestelijke opgang. Hij wist heel joviaal en vriendelijk met mensen om te gaan om hen zo dichter bij de Heer Jezus te brengen.
In de voorbije jaren voelde hij zijn gezondheid kwijnen. Er was reeds langer een ademnood merkbaar en een hartzwakte stuurde aan op een ingrijpende operatie in 2014. Zijn gezondheid bleef hem beperkingen opleggen. In de voorbije maanden moest hij veel prijsgeven en diende hij met meer zorgen te worden omringd. Hij voorvoelde dat de krachten minderden. In gebed en vertrouwen zag hij uit naar de komst des Heren. Hij ontsliep op het middaguur in Gods’ vrede op 20 september 2016. Augustinus’ woorden worden voor cfr. Frits helemaal bewaarheid:
“Onrustigis ons hart, totdat het rust vindt in U.”
De uitvaartliturgie werd voor hem gevierd in de abdijkerk van Tongerlo op 24 september 2016. Eerbiedig droegen wij cfr. Frits te ruste bij zijn overleden medebroeders in de schaduw van de abdijkerk.